Hoe de vee-industrie bijdraagt aan de wereldwijde milieu- en voedselcrisis

19 januari 2009

Het recente WSPA-rapport ‘Eating our Future: the environmental impact of industrial animal agriculture’ (Engelstalig) laat zien welke bijdrage de industriële vlees- en zuivelproductie levert aan de mondiale problemen van milieu, voedselvoorziening en sociale onrechtvaardigheid.

De vee-industrie legt een enorm beslag op natuurlijke hulpbronnen – wat niet alleen negatieve gevolgen heeft voor dierenwelzijn, maar ook voor de beschikbaarheid van graan, water en land voor het armste deel van de menselijke wereldbevolking.

Goedkoop is duurkoop

Volgens verwachtingen van de wereldvoedselorganisatie FAO zal de vlees- en zuivelproductie in 2050 verdubbeld zijn ten opzichte van 2000. De gevolgen zullen enorm zijn. Nu al zorgen landbouwhuisdieren voor 18% van de totale uitstoot van broeikasgassen – meer dan alle verkeer samen. Zij produceren jaarlijks 23 miljoen ton ammoniak – ter vergelijking: mensen produceren twee miljoen ton, in het wild levende dieren drie miljoen ton. Per jaar verdwijnt wereldwijd een oppervlak aan bos ter grootte van Portugal grotendeels ten behoeve van veeteelt. Landbouwhuisdieren zijn inmiddels goed voor tweederde van het gewicht (biomassa) aan gewerveld leven op het land. De rest bestaat vooral uit mensen. De biomassa van in het wild levende zoogdieren en vogels beslaat niet meer dan een schamele drie procent.

Niet alleen de milieubelasting en het landgebruik is enorm, ook het beslag op natuurlijke bronnen zoals water is gigantisch. Om één liter melk te maken, is bijna duizend liter water nodig. Voor vlees is het verbruik nog groter. Ook het verbruik van aardolie is omvangrijk, want om veevoer te verbouwen wordt massaal gebruikgemaakt van op aardolie gebaseerde kunstmest.

Nobelprijswinnaar: “eet minder vlees”

Verduurzaming en vermindering van de vlees- en zuivelproductie is daarom cruciaal. 
In het voorwoord wijst nobelprijswinnaar Dr R. K. Pachauri, voorzitter van het Intergovernmental Panel on Climate Change (IPCC) op twee manieren om de trend van toenemende vleesconsumptie te stuiten. “Ten eerste het publiek bewust maken over de voordelen van een lagere vleesconsumptie, ten tweede het beprijzen van koolstof, wat vervolgens wordt opgeteld bij de kosten van vlees, zodat er een reactie in de markt ontstaat van kleinere consumptie bij hogere prijzen.”

Aanbevelingen

WSPA doet de volgende aanbevelingen aan intergouvernementele organisaties zoals de VN, aan nationale overheden en aan voedselproducenten – en distributeurs:

  1. het ontwikkelen van beleid voor duurzame voedselvoorziening waarvan dierenwelzijn integraal onderdeel vormt;
  2. het ontwikkelen van instrumenten om de groei van vlees- en zuivelproductie om te buigen;
  3. het beëindigen van financiële steun aan de vee-industrie (zoals ongeziene subsidies aan geëxternaliseerde kosten) en het prioriteren van economische mechanismen ter bevordering van duurzame productie;
  4. het bevorderen van onderzoek naar beleid om vleesconsumptie te reduceren zonder daarbij de positie van armen en ondervoeden te verzwakken;
  5. het stimuleren van een transitie van industriële, multinationale systemen naar humane, kleinschalige en middelgrote modellen met lokale productie –en consumptieketens.

Wat kunt u doen?

Via deze link kunt u lezen wat u zelf kunt doen. Het hele rapport (Engelstalig) is hier te downloaden.

Verwante artikelen:

  • Alternatieven voor de intensieve veehouderij
Categorieën: 

Deel het met de rest van de wereld:

WhatsApp