Vijf feiten over hondsdolheid

06 juli 2018

Hondsdolheid maakt vele slachtoffers. Jaarlijks overlijden er 59.000 mensen en miljoenen honden aan deze dodelijke infectieziekte. Vijf feiten over deze ziekte.

1. Hondsdolheid kan dodelijk zijn, maar is in de incubatietijd goed te behandelen

Hondsdolheid is een virusinfectie van de hersenen. De ziekte kan door dieren – honden, maar bijvoorbeeld ook vossen en vleermuizen – op mensen worden overgedragen. De eerste symptomen bij mensen zijn hoofdpijn en lichte koorts, waarna spierkrampen ontstaan. Het doorslikken en zelfs zien van water kan zulke verkrampingen van de slikspieren veroorzaken, dat de patiënt bang wordt voor water (hydrofobie, ook wel watervrees). Uiteindelijk gaan de krampen over in verlammingsverschijnselen, waarna de patiënt in coma raakt en overlijdt. Zodra een patiënt deze symptomen krijgt, is genezing niet meer mogelijk. Gelukkig kent de ziekte een lange incubatietijd – enkele weken tot zelfs een jaar – waarin behandeling eigenlijk altijd succesvol is. Nog altijd worden mensen, in met name Azië en Afrika, niet of onvoldoende behandeld door gebrek aan kennis en medicatie. Dit wordt naar schatting 59.000 mensen per jaar fataal, onder wie veel kinderen. 

In april 2018 financierden we nog een vaccinatieprogramma in Thailand, na een uitbraak van hondsdolheid. 

2. Hondenbeten: verreweg de belangrijkste bron van besmetting

Mensen en dieren raken besmet door speeksel van een dier dat hondsdolheid heeft – meestal door een beet, maar ook als een besmet dier een ander krabt of likt, kan het virus in het lichaam komen door wondjes in de huid of via de ogen of mond. Raakt een hond besmet, dan verandert zijn of haar gedrag. Zo kunnen aanhalige honden bang worden, en agressieve honden juist aanhalig. Na een paar dagen raken de dieren in een staat van razernij, die wel vier dagen kan aanhouden. Ze worden agressief en bijten en daardoor is de kans groot dat ze andere dieren of mensen besmetten. Als mensen hondsdolheid oplopen, is dat in 99 procent van de gevallen door een hondenbeet. Honden met hondsdolheid gaan kwijlen en krijgen hevige krampen, waarna ze stikken doordat de ademhalingsspieren het begeven.

Het preventief vaccineren van honden is een diervriendelijke, duurzame oplossing tegen hondsdolheid. 

3. Het doden van honden om hondsdolheid te bestrijden, is niet effectief

In Azië en Afrika worden honden met hondsdolheid vaak gedood door inwoners, of worden kerngezonde honden afgemaakt uit angst dat ze toch de ziekte dragen. In deze landen lopen honden vaak vrij rond, of ze nu wel of geen baasje hebben. Omdat veel mensen zo bang zijn om gebeten te worden, komen zij dus zelf in actie en doden ze de honden. Wat zij niet weten, is dat het vrijwel omogelijk is om hondsdolheid uit te roeien door honden te doden. Honden kunnen zich snel voortplanten, wat de hondenpopulatie in stand houdt. Bovendien zorgt het doden van honden ervoor dat de dieren gaan zwerven. Uit angst vluchten de honden weg uit het gebied. Dat trekt weer andere honden aan, omdat er meer voedsel beschikbaar komt. Het doden van honden om hondsdolheid te bestrijden is dus ineffectief: daardoor verspreidt het virus zich alleen maar sneller. Zo werden op het Indonesische eiland Flores tussen 1998 en 2001 bijna 300.000 honden afgemaakt uit angst voor hondsdolheid – zonder succes.

Honden planten zich snel voort, daarom zijn maatregelen om de populatie te managen belangrijk bij het tegengaan van hondsdolheid. 

4. Vaccinatieprogramma’s zijn wél effectief

Vaccinatieprogramma’s in Europa en Amerika zijn wél succesvol geweest tegen hondsdolheid. In Nederland vond in 1962 de laatste besmetting op een mens plaats. Een uitbraak van hondsdolheid onder vossen werd in de periode 1988-1992 nog effectief bestreden door middel van het vaccin. Er zijn aanwijzingen dat het bestrijden van hondsdolheid door honden te vaccineren, er ook toe leidt dat de aanwezigheid van het virus bij wilde dieren afneemt.

Raphael Omondi, van ons educatieprogramma, vertelt schookinderen in Freetown (Siera Leone) over hondsdolheid en vaccinatieprogramma's. Hij leert ze hoe met een hond om te gaan en hoe ze een hondenbeet kunnen voorkomen

5. World Animal Protection pakt hondsdolheid op een diervriendelijke, effectieve manier aan

De enige verantwoorde manier op hondsdolheid tegen te gaan, is het massaal vaccineren van honden. Sinds het begin van ons werk voor honden hebben we al een miljoen vaccinaties gezet. En voor eind 2020 willen we weer 100.000 honden vaccineren. Want als 70% van de honden in een populatie is gevaccineerd, verspreidt hondsdolheid zich niet verder en dooft de ziekte uit. 

Waar mogelijk, nemen we ook maatregelen om de hondenpopulatie gezond en binnen de perken te houden. Dit doen we door identificatie, registratie, medicatie, sterilisatie, huisvesting en soms euthanasie van de dieren. Daarnaast leren we mensen hoe met honden om te gaan.

World Animal Protection vindt dat de overheid haar gemeenschappen moet kunnen beschermen tegen hondsdolheid. Daarom willen we per 2020 25 overheden helpen bij het ontwikkelen van een diervriendelijk, effectief plan van aanpak, dat op de lange termijn positieve gevolgen heeft voor mens én hond!

Als we daarin slagen is per 2030 door honden veroorzaakte hondsdolheid de wereld uit! Help je mee? Vaccineer al voor € 3,- een hond tegen hondsdolheid.

Vaccineer een hond

 

Ook Ester en haar hondje Barack zijn beschermd tegen hondsdolheid, dankzij een vaccinatieprogramma dat we in samenwerking met Sierra Leone Animal Welfare Society (SLAWS) opzetten. 

Deel het met de rest van de wereld:

WhatsApp